Deze kroketjes kan je perfect op voorhand voorbereiden en als klein hapje serveren met wat zelfgemaakte hummus of een tapenade. Je kan ze ook bij een hoofdmaaltijd eten. Ze zijn krokant van buiten en zacht van binnen. Lekker genieten, comfortfood, waar ook de kinderen graag van mee-eten!

 

Polenta kroketjes

  • 140 gr polenta
  • 750 ml groentebouillon
  • Peper, zout, oregano (of andere kruiden naar eigen smaak)
  • 3 el maïzena om te bestuiven
  • 3 el olie om te bakken

Neem een bakvorm of ovenschaal van ongeveer 20 cm (kleiner kan ook, zoals bij mij het geval was, maar dan zijn je kroketjes wat dikker). Bekleed jouw bakvorm of schaal met folie of bakpapier.

Breng de polenta aan de kook. Eens de polenta kookt, blijf dan regelmatig roeren om te voorkomen dat ze aanbrandt. De bouillon moet zo goed als weg gekookt zijn op het einde en de polenta zal geleidelijk aan indikken. Eens dat gebeurd is, mag je de polenta in de bakvorm of schaal gieten en laten afkoelen. Daarna zet je het voor 2 uur in de koelkast om op te stijven.

Dit gerechtje kan je dus perfect de dag voordien maken (handig als je het als hapje serveert bij bezoek).

Van zodra de polenta volledig is afgekoeld en opgesteven, kan je het in blokjes of in reepjes snijden, of eender welke vorm je verkiest. Wentel het in de maïzena en bak het ongeveer vier minuten aan elke kant zodat ze lekker krokant worden.

Smakelijk!

Deel dit bericht